panda
panda.gif
De panda noemen ze ook wel reuzenpanda en is altijd zwart met wit.
Ze komen voor in de afgelegen berggebieden in het westen van China.
De panda woont daar in de bamboebossen en het totale woongebied
van de panda is zo'n 30.000 vierkante kilometer groot.
De vacht is erg dicht, waardoor de panda goed bestand is tegen kou.
Reuzenpanda's eten de bladeren en jonge scheuten van bamboebomen
Ze houden geen winterslaap: omdat de bamboe 's winters ook groen blijft.
Bamboe heeft een lage voedingswaarde, dus panda's moeten
er veel van eten om in leven te blijven.
Ze zijn dan ook de hele dag bezig met eten.
Na de dracht die 125 tot 150 dagen duurt krijgt de panda jongen, meestal in een warm nest van gras.
De jongen zijn slechts 10-15 cm lang en wegen 100-150 gram. 2 tot 3 dagen na de geboorte
is het jong alleen nog met een dun wit donslaagje bedekt en de ogen zijn nog gesloten.
Het jong slaapt bijna altijd en het wordt alleen wakker om te drinken.
Na 3 tot 6 maanden is de panda helemaal zelfstandig
Zodra de jonge panda goed kan lopen, begint hij in de bomen te klimmen.
Boven de grond heeft hij minder vijanden en ziet zijn moeder eten zoeken.
Na negen maanden kan het jong steeds makkelijker in de bomen klimmen
en drinkt niet meer bij zijn moeder, maar eet ook bamboebladeren.
Met zijn scherpe klauwen kan hij zelfs loodrecht omhoog bomen in klimmen.
Als een pandajong 18 maanden oud is verlaat
het zijn moeder om op zich zelf te leven.
Het jong volwassen dier trekt weg uit het territorium van zijn moeder
en zoekt een eigen plekje, waar het voortaan kan wonen.
Van zijn moeder heeft het al op jonge leeftijd geleerd welke soorten
voedsel hij kan eten, nu moet hij zelfstandig verder.